Zorgalarmering

Als kwetsbare ouderen vallen, is het belangrijk daar snel op in te kunnen spelen. Voorheen was alleen de draagbare alarmknop een oplossing, inmiddels zijn er meer manieren voor bewaking en alarmering mogelijk.

De ontwikkeling van technologie voor bewaking en alarmering richt zich steeds meer op technologie die niet zelf bediend hoeft te worden. Van actieve personenalarmering gaat men over op automatische bewakingssystemen.

Bij alle vormen van alarmering geldt dat er een centrale aanwezig moet zijn om de signalen te registreren en op te volgen. Daar controleert iemand of er echt iets aan de hand is door contact te leggen met de cliënt. Als er inderdaad iets aan de hand is, schakelt de centrale hulp in.

Personenalarmering

Een voorbeeld van personenalarmering is de draagbare alarmknop die iemand kan bedienen als er een noodsituatie is, bijvoorbeeld als iemand valt en hulp nodig heeft.

Een knop in drukken op het moment dat er iets gebeurd is lang niet altijd mogelijk. En de praktijk laat zien dat cliënten de alarmknop lang niet altijd bij zich dragen. Een nieuwe ontwikkeling is daarom de uitgebreide personenalarmering. Bij inschakeling van het systeem worden infrarood bewegingsmelders geactiveerd. Het inschakelen moet de cliënt wel zelf doen, bijvoorbeeld aan het begin van de avond. De bewegingsmelders meten activiteit en zullen alarm maken als iemand langere tijd niet beweegt. Dit systeem is niet geschikt bij noodsituaties als vallen, omdat er dus geen melding wordt gemaakt van een val op zich.

Een systeem dat wel geschikt is in een noodsituatie zijn apparaatjes die de cliënt op zijn lichaam draagt. Deze signaleren een val of een grote verandering in beweging van de persoon. Dit wordt automatisch doorgegeven aan de centrale, zodat zij in kunnen grijpen bij een dergelijke noodsituatie. Dit systeem wordt automatische valdetectie genoemd.

Technologie door zorginstelling op afstand bediend

Bewegingsmelders en akoestische bewakingssystemen kunnen op afstand bediend worden. Bij akoestische bewaking wordt via microfoons in de gaten gehouden of er iets gebeurt. Zo kan de centrale hiermee op afstand een huis met cliënten of kleine woonvormen binnen de instelling ondersteunen. De zorginstelling schakelt het systeem in en uit, bijvoorbeeld ’s nachts aan en overdag uit.

Bij alle hierboven beschreven systemen heeft óf de cliënt óf de zorgverlener een actieve rol bij het in- en uitschakelen van het systeem. Bij een automatisch bewakingssysteem is deze actieve rol niet nodig. Dit systeem is namelijk ‘intelligent’. Er wordt dan gewerkt met infrarood bewegingsmelders en deurcontacten. Een voorbeeld: als de deur van de badkamer open en dicht is gegaan en er daarna geen beweging in de badkamer te merken is, dan is dat opvallend. Dit wordt door het systeem herkend.

Er zijn dus verschillende soorten technieken beschikbaar. De keuze hangt af van de situatie en de mogelijkheden van de cliënt.